๐๐ฟ๐ณ๐ฑ๐ฒ๐ฒ๐น
En eigenlijk zit in het wachten van Josh en mij een les in die veel verder gaat dan deze middag.
๐ช๐ฎ๐ฐ๐ต๐๐ฒ๐ป ๐ต๐ผ๐ผ๐ฟ๐ ๐ผ๐ผ๐ธ ๐ฏ๐ถ๐ท ๐ต๐ฒ๐ ๐น๐ฒ๐๐ฒ๐ป ๐บ๐ฒ๐ ๐๐ผ๐ฑ. ๐๐ฒ ๐๐ถ๐ท๐ฏ๐ฒ๐น ๐๐๐ฎ๐ฎ๐ ๐๐ผ๐น ๐บ๐ฒ๐ ๐บ๐ฒ๐ป๐๐ฒ๐ป ๐ฑ๐ถ๐ฒ ๐๐ถ๐๐๐ฒ๐ป ๐๐ฎ๐ฎ๐ฟ ๐๐ผ๐ฑ ๐ต๐ฒ๐ป ๐ป๐ฎ๐ฎ๐ฟ๐๐ผ๐ฒ ๐๐ถ๐น๐ฑ๐ฒ ๐ฏ๐ฟ๐ฒ๐ป๐ด๐ฒ๐ป ๐ฒ๐ป ๐๐ผ๐ฐ๐ต ๐บ๐ผ๐ฒ๐๐๐ฒ๐ป ๐๐ฎ๐ฐ๐ต๐๐ฒ๐ป.
Jozua en Kaleb vind ik daarin indrukwekkend. Toen Israรซl aan de grens van het beloofde land stond, geloofden zij dat God zou doen wat Hij had beloofd.
โDe HEERE is met onsโ, zeiden ze. Maar ook: โWees niet bevreesd voor henโฆโ, toen het ging over de reuzen in het land. Dit lees je in Numeri 14. Jozua en Kaleb waren klaar om het land binnen te gaan. Maar de tien andere verspieders geloofden niet en het volk liet zich door hen meeslepen. Daardoor moesten ook Jozua en Kaleb wachten. Zoโn veertig jaar.
Die jaren waren geen verloren jaren. Jozua diende Mozes en groeide in leiderschap, totdat God hem uiteindelijk de opdracht gaf het volk het land binnen te leiden. En Kaleb? Wanneer hij op 85-jarige leeftijd eindelijk zijn erfdeel mag innemen, zegt hij dat hij nog even sterk is als toen Mozes hem uitzond. Dat staat in Jozua 14:10-12.
๐ฉ๐ฒ๐ฟ๐๐๐น๐น๐ถ๐ป๐ด
Ook David wist wat God met zijn leven van plan was. De profeet Samuel had hem in opdracht van God tot koning gezalfd (1 Samuel 16). Toch zat David daarna niet direct op de troon. Hij moest wachten. Jarenlang.
En tijdens dat wachten kreeg David zelfs gelegenheden om het proces te versnellen. Saul, die hem naar het leven stond, kwam binnen zijn bereik. David had hem kunnen doden. Maar hij deed het niet. David weigerde het heft in eigen hand te nemen om zijn koningschap te bespoedigen. In 1 Samuel 24 en 26 lees je hoe resoluut David daarin was. Hij wachtte op Gods tijd.
Zelfs toen hij uiteindelijk koning werd, was de belofte nog niet direct volledig vervuld. Eerst werd hij koning over Juda. Pas zeven jaar en zes maanden later werd hij koning over heel Israรซl. Dat staat in 2 Samuel 5:3-5. Kun jij je dat voorstellen?
๐๐น๐ ๐ท๐ฒ ๐ฒ๐ฒ๐ป ๐ฑ๐ผ๐ฒ๐น, ๐ฒ๐ฒ๐ป ๐ฑ๐ฟ๐ผ๐ผ๐บ, ๐ฒ๐ฒ๐ป ๐ฏ๐ฒ๐๐๐ฒ๐บ๐บ๐ถ๐ป๐ด ๐ผ๐ณ ๐ฒ๐ฒ๐ป ๐ฟ๐ผ๐ฒ๐ฝ๐ถ๐ป๐ด ๐๐ผ๐ผ๐ฟ ๐ผ๐ด๐ฒ๐ป ๐ต๐ฒ๐ฏ๐, ๐๐ถ๐น ๐ท๐ฒ ๐ด๐ฟ๐ฎ๐ฎ๐ด ๐๐ผ๐ผ๐ฟ๐๐ถ๐. ๐ ๐ฎ๐ฎ๐ฟ ๐น๐ฒ๐๐ฒ๐ป ๐บ๐ฒ๐ ๐๐ผ๐ฑ ๐ฏ๐ฒ๐๐ฒ๐ธ๐ฒ๐ป๐ ๐ผ๐ผ๐ธ ๐น๐ฒ๐ฟ๐ฒ๐ป ๐๐ฒ๐ฟ๐๐ฟ๐ผ๐๐๐ฒ๐ป ๐ผ๐ฝ ๐ญ๐ถ๐ท๐ป ๐๐ถ๐ท๐ฑ.
Daarin ben ik lerende. Steeds meer leer ik het proces van wachten te accepteren en te vertrouwen dat God ook daarin aan het werk is.
๐๐ฒ๐น๐ผ๐ณ๐๐ฒ
Vlak voor Zijn hemelvaart gaf Jezus Zijn discipelen een heel concrete opdracht: ze moesten in Jeruzalem blijven en wachten op de belofte van de Vader โ โญโญHandelingenโฌ โญ1โฌ:โญ4โฌ-โญ5โฌ:
โEn toen Hij met hen samen was, beval Hij hun dat zij niet uit Jeruzalem weg zouden gaan, maar de belofte van de Vader zouden verwachten, die u, zei Hij, van Mij gehoord hebt; want Johannes doopte wel met water, maar u zult met de Heilige Geest gedoopt worden, niet lang na deze dagen.โ
Uiteindelijk zouden er ongeveer tien dagen verstrijken tussen de hemelvaart van Jezus en Pinksteren. Dat wisten de discipelen niet toen Jezus hun de opdracht gaf om te wachten. Wat ze wel deden, lezen we in Handelingen: ze bleven eensgezind volharden in gebed. Terwijl ze wachtten, zochten ze God.
En weet je, deze voorbeelden helpen mij om anders naar wachten te kijken. Je hebt niet altijd invloed op hoelang je moet wachten. Wel op hoe je wacht.
๐ง๐ฒ๐ฟ๐๐ถ๐ท๐น ๐ท๐ฒ ๐๐ฎ๐ฐ๐ต๐, ๐ธ๐๐ป ๐ท๐ฒ ๐ด๐ฟ๐ผ๐ฒ๐ถ๐ฒ๐ป, ๐๐ผ๐ฑ๐ ๐๐ถ๐ท๐ฑ ๐๐ฒ๐ฟ๐๐ฟ๐ผ๐๐๐ฒ๐ป ๐ฒ๐ป ๐ฑ๐ผ๐ฒ๐ป ๐๐ฎ๐ ๐๐ถ๐ท ๐ท๐ฒ ๐๐ฎ๐ป๐ฑ๐ฎ๐ฎ๐ด ๐ด๐ฒ๐ฒ๐ณ๐. ๐๐ถ๐ฒ๐ป๐ฒ๐ป. ๐๐ฒ๐ฟ๐ฒ๐ป. ๐ข๐ป๐๐๐ฎ๐ป๐ด๐ฒ๐ป. ๐๐ฒ๐ป๐ถ๐ฒ๐๐ฒ๐ป. ๐ช๐ฎ๐ฐ๐ต๐๐ฒ๐ป ๐ต๐ผ๐ฒ๐ณ๐ ๐ด๐ฒ๐ฒ๐ป ๐๐ฒ๐ฟ๐น๐ผ๐ฟ๐ฒ๐ป ๐๐ถ๐ท๐ฑ ๐๐ฒ ๐๐ถ๐ท๐ป.
En weet je, daarin ben ik zelf ook lerende. Niet alleen kijken naar wat nog moet komen, maar ook naar wat God vandaag geeft en doet. En wanneer het Zijn tijd is, zal Hij laten zien dat het licht op groen staat.
Zegen!
Tim Meijer, 23-8-2026